Schaalvergroting Binnenvaart Print
maandag, 29 november 2010 21:00
In opdracht van de Dienst Verkeer en Scheepvaart, Rijkswaterstaat heeft TNO in 2010 onderzoek uitgevoerd naar de vlootontwikkelingen Binnenvaart in de periode 2000 - 2008 en de verwachte vlootontwikkeling in de periode 2008 - 2020. Het hele rapport "Vlootontwikkeling Binnenvaart" staat vol definities, afbakeningen en uitzonderingen. Zo is van een beperkt aantal telpunten en vaarwegen gebruik gemaakt. Toch geeft het rapport een goed beeld hoe het met de vlootontwikkeling de afgelopen jaren is gegaan en wat er op dat gebied nog zal plaatsvinden. Hieronder een samenvatting. Alles weten over het onderzoek? Onderaan de pagina kunt u het rapport downloaden.  

 

Schaalvergroting op vaarwegen 2000 - 2008
Schaalvergroting op zich is niet nieuw. Uit statistische informatie van DVS blijkt dat ook in de periode 1970-2000 het gemiddelde laadvermogen op klasse IV, V en VI vaarwegen jaarlijks met 2,9% is gestegen. Op klasse IV vaarwegen 3,0%, klasse V 2,9% en klasse VI 2,8%. In de periode 2000-2008 is echter de toename van het gemiddelde laadvermogen op die vaarwegen sterker namelijk 3,4%. Op klasse IV vaarwegen 3,1%; klasse V 4,0% en klasse VI 3,4%

 

Vaarweg-
klasse
(CEMT)

gem.laadverm.
2000

gem. laadverm.
2008

Groei periode
2000-2008

IV

1022

1304

28%

V

1137

1562

37%

VI

1744

2219

27%

Schaalvergroting

 

Uit het onderzoek blijkt dat naast schaalvergroting tevens het aantal scheepspassages bij telpunten op de klasse IV vaarwegen en hoger in de periode 2000-2008 beduidend minder is geworden. De verklaring hiervoor is dat door de sterke schaalvergroting in de binnenvaart minder schepen nodig zijn om hetzelfde hoeveelheid lading (of zelfs meer) te kunnen vervoeren.
Bij duwstellen blijft het stabiel, bij koppelverbanden is er een sterke toename en bij motorvrachtschepen is er sprake van een duidelijke afname. Deze ontwikkelingen duiden op verschuiving van motorvrachtschepen naar koppelverbanden en op een afname van het aantal motorvrachtschepen door de sterke schaalvergroting.

 

Totaaloverzicht

2000 2008

Duwstellen

27.204 27.937

Koppelverb.

11.634 16.899

mvs

459.078

419.918

Totaal

497.916 464.754
schaalvergroting1

 

Schaalvergroting op scheepscategorie 2000-2008
In de scheepscategorie koppelverbanden komt de sterke toename van de klasse C31 sterk naar voren. Ook bij de scheepscategorie motorvrachtschepen vindt een duidelijk ontwikkeling plaats. Zowel het aantal als het aandeel van het type M0 tot en met M7 nemen af: 378.758 in 2000 (aandeel 76,1%) tot 286.208 (aandeel 61,6%) in 2008. Terwijl het aantal en aandeel schepen van het type M8, M9 en M10 toenemen: aantal van 80.320 in 2000 (aandeel 16,1%) tot 133.710 (aandeel 28,8%) in 2008. Dat houdt in dat vooral bij motorvrachtschepen sprake is van een zeer sterke mate van schaalvegroting. Veel schepen die vervangen worden, worden vervangen door de allergrootste motorvrachtschepen. Opsplitsing in vaarwegklassen IV, V, VI geeft hetzelfde beeld.

 

Schaalvergroting2

 

Verwachte vlootontwikkeling 2008-2020 op vaarwegen

De uitgevoerde trendanalyse van TNO geeft aan hoe in de periode 1970-2008 het gemiddeld laadvermogen is gegroeid en wat er in de periode 2008-2020 wordt verwacht. Bij het laatste is geen rekening gehouden met verwachte toekomstige ontwikkelingen.

 

Vaarweg-klasse
(CEMT)

1970
in ton

2008
in ton

2020
in ton

ondergrens
2020

bovengrens
2020

IV

426

1304

tussen 1552
en 1857

1,5%

3,0%
V

477

1562

tussen 1868
en 2271

1,5%

3,2% per jaar
VI

762

2219

tussen 2662
en 3108

1,5%

2,9% per jaar

 

Verwachte vlootontwikkeling 2008-2020 op scheepscategorie
Op basis van een technische trendanalyse op scheepscategoriën waarbij geen rekening is gehouden met verwachte toekomstige ontwikkeingen, wordt een toename van het gemiddeld laadvermogen verwacht van 27%. Dat komt overeen met een jaarlijkse toename van 2%. 

  

Belangrijke ontwikkelingen schaalvergroting
Enkele ontwikkelingen die van invloed zijn op de mate van schaalvergroting in de periode 2008 - 2020.

  • Positieve verwachtingen ladingstromen
    Verwachtingen omtrent sterke groei maritieme stromen en daaraan gekoppeld sterke groei achterlandstromen die per binnenvaart kunnen worden vervoerd;
  • Sloopregeling binnenvaart en oud voor nieuw regeling jaren '90 en begin 2000
    Door een gunstige sloopregeling voor de binnenvaart zijn veel oudere schepen vervangen door nieuwe schepen;
  • Vervanging enkelwandige tankers door dubbelwandige tankers
    Uit het oogpunt van milieuveiligheid is er een impuls geweest om enkelwandige tankers te vervangen door dubbelwandige tankers (afgelopen en komende jaren);
  • Exploitatie van nieuwe kleine schepen kan moeilijk zijn
    Nieuwe kleine schepen zijn relatief duur en kunnen niet of moeilijk volcontinu op de Nederlandse markt worden ingezet waardoor de exploitatie van een nieuw klein schip moeilijk kan zijn.

    Het is de vraag of en in welke mate deze ontwikkelingen zich de komende jaren doorzetten.

    Economische crisis
    Als gevolg van de economische crisis zijn de ladingstromen inmiddels flink ingezakt en zijn de positieve verwachtingen voor de binnenvaart bijgesteld. Door het inzakken van de ladingstromen is momenteel sprake van overcapaciteit binnen het droge bulk segment van ongeveer 30% waarbij verwacht wordt dat zeker tot 2015 sprake zal zijn van overcapaciteit. Omdat veel schepen besteld en in aanbouw zijn, zal dit op korte termijn beperkte effecten hebben op de mate van schaalvergroting, op de langere termijn is het de vraag of de schaalvergroting van de afgelopen jaren in dezelfde mate zal doorzetten.

    Doelstelling modal-split en capaciteit binnenvaart
    Vanaf 2015 wordt verwacht dat de huidige capaciteit weer nodig is om alle lading te vervoeren. Voor de lange termijn wordt weer een flinke groei van de goederenstromen verwacht. Bovendien worden voor de containerterminals op de Tweede Maasvlakte afspraken gemaakt over een verplichte modal-split. Volgens deze afspraken zal in 2020
    41% van het vervoer van en naar de Tweede Maasvlakte per binnenvaart plaatsvinden (45% in 2033). Dit betekent dat op korte termijn sprake is van overcapaciteit, maar dat op lange termijn opnieuw veel vraag naar binnenvaartcapaciteit wordt verwacht vanwege een toename in de ladingstromen en gunstige modal-split ontwikkelingen voor de binnenvaart.

    Behoefte kleine schepen
    Door de sterke mate van schaalvergroting de laatste jaren worden veel kleinere schepen vervangen door schepen met de grootste afmetingen. Hierdoor bestaat de vloot uit steeds minder kleine schepen. Echter, voor het bedienen van de Nederlandse markt via de binnenvaart over kleinere vaarwegen blijven kleinere schepen nodig. Hierbij is het echter de vraag of de exploitatie van een nieuwe klein schip in de toekomst haalbaar blijft. Het is de verwachting dat dit alleen voor specifieke segmenten zal gelden.

Het rapport "Vlootontwikkeling Binnenvaart" downloaden. Met dank aan DVS/TNO

 
Banner